18-07 Atlantische Oceaan - Lastige kwestie

Om vijf uur ’s-ochtends komt er dan eindelijk wind. We doen vijf tot zes knopen, later afnemend naar vier tot vijf. Om negen uur is het echter al weer uit met de pret en zetten we de Knor weer aan. Opnieuw overwegen we wat te doen. Doorgaan op de ingeslagen weg of alsnog een rechtstreekse koers naar Florianopolis varen. Volgens de weerkaarten hadden we nu toch al wat wind moeten hebben. We besluiten door te gaan op de ingeslagen weg tot drie uur in de middag. En zowaar er komt wat wind en we zeilen met iets meer dan drie knopen. Het is niet veel, maar beter dan niets. Helaas is de pret van korte duur, want na een half uurtje gaat de wind opnieuw uit. We besluiten een rechtstreekse koers te zetten en zien wel of er nog wind komt. Als de wind uit blijft kunnen we het nog redden op de motor onze bestemming te halen en nog verder naar buiten varen lijkt zinloos.

Om half tien in de avond is er dan eindelijk de beloofde wind. We vlinderen en doen rond de vijf knopen. We verwachten echter dat zodra de zon morgen opkomt de wind weer wegvalt en we opnieuw zullen moeten motoren. Ik ben benieuwd.

19-07 Atlantische Oceaan - We zeilen weer:-)

"Jij bent weer aan de beurt. Kom je? Ik wil de bulletalie graag verder naar voren en het grootzeil verder uit." Het is tegen twee uur in de nacht en mijn wacht ziet erop. Het grootzeil staat niet ver genoeg uit. Dat is me gisteravond toen we de genua uitgeboomd hebben tijdens Henk zijn wacht niet opgevallen, maar tijdens mijn wacht wel. Kennelijk was ik toch niet wakker genoeg;-) Om Henk er voor uit bed te halen vond ik een beetje overdreven, maar het scheelt wel snelheid en het zeil klapt zo nu en dan en dat is niet fijn. We zetten het grootzeil verder uit en dan is het mijn beurt om te slapen.

Tijdens mijn tweede wacht komt de zon op. Een spannend moment, want wat gaat de wind doen? Blijft hij doorstaan of gaat hij uit? Hij blijft! Yes! We zitten oostelijk genoeg en houden de hele dag wind!:-)

We sturen Romlea na het ontbijt op een rechtstreekse koers naar onze eindbestemming. De boom gaat van de genua en de zeilen over bakboord. We liggen nu een stuk fijner op de golven en het leven aan boord is heerlijk comfortabel. In de loop van de dag wordt onze koers een ietsje te hoog, maar dat sturen we morgen wel weer bij. Het alternatief is opnieuw vlinderen, maar we kiezen voor het comfort van een relaxte nacht.

20-07 Atlantische Oceaan - Venijnig staartje

We zeilen vrijwel de hele dag door op een paar uurtjes na. Dat is niet erg, want we moeten toch wat stroom draaien. In de middag krijgen we echt lekkere wind plat van achter en gaan we opnieuw vlinderen. We doen rond de zeven knopen en schieten dus lekker op. Als we deze snelheid kunnen blijven houden komen we rond middernacht aan. We besluiten toch ons wachtsysteem aan te houden als we de avond in gaan omdat we nog niet weten hoe de laatste mijlen gaan lopen. Henk heeft de eerste wacht en haalt mij tot twee keer toe uit mijn bed omdat we de zeilvoering flink moeten aanpassen. Omdat het toch al bijna mijn tijd is, gaat Henk naar bed en gaat mijn wacht in. De wind neemt af en in plaats van halve wind moet ik aan de wind gaan varen. Omdat we ook bij halve wind altijd een bulletalie hebben staan, haal ik die los zodat ik het grootzeil aan kan halen. Ik ben daar nog maar net mee klaar als in één klap de wind enorm aantrekt en krimpt en de golven flink toenemen. Alsof iemand een schakelaar heeft omgezet. Henk is er gelukkig al direct uit, want we varen vol zeil en Romlea helt nu enorm en loopt uit het roer. We moeten flink aan de bak om de zeilen gereefd te krijgen en weer in control te komen. Als we zowel genua als grootzeil flink hebben gereefd keert de rust aan boord weer terug. We hebben het helemaal niet meer bezeild en kruisen is geen optie. Het lukt ons om langs de eerste punt van het eiland Santa Catarina te zeilen en in de luwte van de drie kleine eilandjes onder het grote eiland rollen we de zeilen in en motoren we het laatste stuk naar de ankerplek. Om twee uur liggen we achter ons anker en moeten we echt even bijkomen van de hectische laatste mijlen.

21-07 Florianopolis - Winterkou

We slapen lekker uit en maken er een luie dag van. Het is hier koud! "Ik moet er echt wel aan wennen zeg, die lange broek voelt maar raar". Henk is het dragen van een lange broek duidelijk niet meer gewend. ’s-Middags doen we zelfs een middagslaapje om het slaaptekort van de afgelopen nacht in te halen en om een beetje warm te worden. Het is buiten een graad of achttien en in de boot nog geen twintig graden. We vinden het ijskoud na de tropische temperaturen waar we uit vertrokken zijn.

    

 

22-07 Florianopolis - Acclimatiseren

We worden laat wakker, ontbijten en verhuizen naar de andere kant van de baai omdat de wind is gedraaid. We liggen nu weer netjes aan hoger wal. Ook vandaag is het weer een relaxte dag. We wachten hier op het volgende weergat om verder zuid te komen en moeten echt acclimatiseren. Ook vandaag is het koud en het waait hard. Vannacht zal de wind afnemen en morgen verhuizen we weer naar de zuidkant van de baai omdat de wind terug gaat naar het zuidwesten.

   

 

23-07 Florianopolis - Heen en weer

Lekker, het zonnetje schijnt weer. We warmen weer een beetje op! We verhuizen weer terug naar de vorige ankerplaats want de wind gaat in de loop van de dag opnieuw naar het zuidwesten. Ik zit lekker in de kuip met een boekje en Henk probeert de laatste kokkels aan de onderkant van de kiel te verwijderen. Dat valt nogal tegen, want het water is koud en een beetje troebel waardoor hij te weinig ziet onder water. Ach ja, dan maar een zoutwaterbad en je haren wassen. Lekker naspoelen met warm zoet water en Henk kan er weer tegen.

24-07 Florianopolis - In afwachting

Opnieuw slecht weer, we zitten de hele dag binnen. Henk doet zijn administratieve klussen en ik lees mijn boek uit en ga het vooronder maar eens een poetsbeurt geven. Zoals het nu lijkt kunnen we morgen vertrekken voor de volgende etappe.

25-07 Florianopolis - Op naar Rio Grande

Het weergat dat aan het begin van deze week vijf dagen zou gaan duren is een stuk korter geworden, maar lijkt genoeg om in ieder geval naar Rio Grande te kunnen komen. Opnieuw een stuk van zo’n 330 mijl. We besluiten na het ontbijt te vertrekken.

De eerste mijltjes hebben we nog westenwind in plaats van oost, maar dat is de invloed van het vaste land. Als we een paar mijl uit de kust zijn, pikken we de zuidoosten wind op. Het is net niet helemaal bezeild het eerste stuk, maar we maken twee grote slagen. In de tweede slag komen we toch iets te dicht bij de kust waardoor de wind vrijwel wegvalt. Even doorzetten en dan pikken we hem gelukkig weer op. Zodra we de eerste vijftig mijl hebben gehad, buigt het land wat verder af en krijgen we echt lekkere halve wind. We doen zeven tot acht knopen. Kijk, dat schiet lekker op!

26-07 Atlantische Oceaan - Glazen bol

We motoren maar weer eens. Om een uur of negen vanochtend ging de wind in één keer uit. Natuurlijk weer in geen enkel weermodel terug te vinden. We houden lekker onze koers en zien wel wanneer de wind weer aan gaat. Je zou toch denken dat men tegenwoordig behoorlijk goed is in het voorspellen van de weersverwachting, in ieder geval twee tot drie dagen vooruit. Onze conclusie is inmiddels na meer dan een jaar zeilen over de Atlantische Oceaan, dat het zwaar tegenvalt. Het doet mij denken aan onze vriend Denis. Hij zei bij zijn oversteek van Biskaje: "Ik ga gewoon en dan zie ik het onderweg wel." Misschien nog niet eens zo’n gek plan mits er geen echt zwaar weer wordt voorspeld.

27-07 Atlantische Oceaan - Neptunus neemt

"Nou, daar hoeven we ons ook niet meer druk over te maken." Henk komt de kajuit binnen en ik kijk hem vragend aan. "We zijn de oude stagen kwijt", zegt hij. "Kwijt? Hoezo kwijt?". Wat blijkt, ze zijn over boord gegaan. Waarschijnlijk vanochtend toen er een golf over het dek spoelde. We hadden onze oude stagen aan dek gelegd tegen de voetrail aan, maar buiten de zeereling. En daar lagen ze al sinds ons vertrek uit Salvador. We hadden ze alleen niet vast gezet. Ik hoor het Henk nog zeggen: "Mwah, die dingen zijn zo zwaar, die vallen echt niet zomaar overboord." Zo zie je maar, één golfje van niks en plons!

Afgelopen nacht om twaalf uur zeilden we gelukkig weer en nog mooi op koers ook. Tijdens mijn tweede wacht begint de wind te krimpen en aan te trekken en besluiten we zelfs te reven en overstag te gaan richting de kust, zodat we, als de wind er weer uitzakt, niet extra mijlen moeten motoren.

We zeilen tot vier uur in de middag en dan is het weer uit met de pret. De Knor gaat opnieuw aan en we verwachten de laatste 92 mijl tot Rio Grande te moeten motoren. We vertrouwen er niet helemaal op dat we genoeg diesel in de tank hebben daarvoor, dus we vullen voor de zekerheid veertig liter bij uit onze reservevoorraad.

28-07 Atlantische Oceaan - We zeilen, we zeilen niet…

Tijdens mijn eerste wacht kan ik om één uur ’s-nachts opnieuw zeil zetten en aan het begin van mijn tweede wacht om vijf uur kunnen we de zeilen weer binnen halen. En dat gaat de hele dag zo door, we zeilen, we zeilen niet.

Als we aan het eind van de middag eindelijk bij de havenmond van Rio Grande aankomen varen we op de motor en giet het van de regen. We worden welkom geheten door een zeeleeuw, die achter onze boot aan zwemt. Helaas vriend, we zijn geen vissersboot, dus na een paar minuten verdwijnt hij weer. Als we de de strekdammen binnen varen zien we nog meer zeeleeuwen en dolfijnen. We varen zo’n tien mijl de rivier op totdat we bij het Museu Oceanográfico aankomen, waar we Romlea aan de houten steiger leggen. Voor het eerst weer op zoet water na meer dan een jaar.

 

  Terug naar beginpagina